Eind oktober 2010 zijn bij werkzaamheden aan de diepwanden ten behoeve van de spoortunnel resten van de St. Hiëronymustoren aan het licht gekomen. Volgens archeoloog Steven Jongma van Erfgoed Delft maakte deze toren deel uit van de middeleeuwse verdediging van Delft.
Diepwanden
De constructie van diepwanden is de eerste stap in de bouw van de spoortunnel. Op alle plaatsen waar zo’n diepwand wordt aangelegd is eerst gekeken of er obstakels in de bodem zitten. Alleen onder de inrit van de Phoenix Parkeergarage was dit tot nu toe nog niet gebeurd omdat de toegang vrij moest blijven. Net op deze plek vonden de archeologen de resten van een toren, de St. Hiëronymustoren. De voorkant van de toren was half rond en stak uit in de stadsgracht. Door schietgaten in de buitenmuur en vanaf de torentrans konden naderende vijanden op de korrel worden genomen. Er zijn nog enkele oude kaarten waar deze toren op is afgebeeld. Hieruit is op te maken dat er tussen 1536 en 1675 grondig is verbouwd. De naam St. Hiëronymustoren is ontleend aan het fraterhuis St. Hiëronymusdal dat vlak achter deze toren lag.
Fundering
De aangetroffen fundering moest worden verwijderd om de diepwand te kunnen aanleggen. Dit is gebeurd in de aanwezigheid van archeologen van Erfgoed Delft die de zichtbare sporen zo veel mogelijk hebben gedocumenteerd. Helaas lag precies de voorkant van de toren in het tracé, zodat een relatief groot deel van de toren verwijderd is. Er is daarentegen wel speciale aandacht besteed aan het zo min mogelijk schade toebrengen aan muurwerk dat tussen de diepwanden ligt. Het deel van de fundering dat in de weg lag, werd eerst met boringen losgemaakt van het andere muurwerk. De rest van de toren wordt namelijk bij het uitgraven van de tunnelbak opgegraven en zit nu nog in de bodem.Vondsten
Een deel van de buitenzijde van de toren was gemetseld met hergebruikt natuursteen. Dit geeft een goede indicatie van de waterstand in de vroegere stadsbuitengracht. Omdat baksteen bij ijsvorming gemakkelijk kapot gaat, werd het contactpunt van de waterlijn en de muur in natuursteen uitgevoerd. Dit materiaal is veel harder en daardoor beter bestand tegen de schadelijke werking van het ijs. Naast de muur, aan de binnenzijde van de toren, werden twee houten tonnen aangetroffen. Deze waren ingegraven, maar de exacte functie ervan is onduidelijk. Aan de inhoud kon in ieder geval niets worden afgeleid. Waarschijnlijk is het wel goed mogelijk om het hout van deze tonnen te dateren aan de hand van jaarringonderzoek. Aan de buitenzijde van de toren, in de stadsgracht, werd veel vondstmateriaal aangetroffen, zoals aardewerk, glas en kleipijpen. Het feit dat er ook mossels en oesters bij zaten wijst erop dat hier ook etensafval in de stadsgracht gedumpt is. Misschien de maaltijd van een soldaat op wacht?














