Tinglazuuraardewerk: majolica

E-mail Print PDF
There are no translations available.

Dit aardewerk komt van oorsprong, rond de negende eeuw, uit Perzië (Mesopotamië). Via Spanje (Mallorca) en Italië komt het naar de Lage Landen en vanaf het begin van de zestiende eeuw wordt het ook in de Zuidelijke Nederlanden vervaardigd. Later, vanaf het vierde kwart van de zestiende eeuw, ook in Noord-Nederlandse steden als Amsterdam, Haarlem en Delft. Het baksel is matig hard en bros. De voorwerpen, na één maal bakken biscuit genoemd, worden aan de voorzijde bedekt met een laag ondoorzichtige, witte tinglazuur. Op deze laag wordt de beschildering aangebracht, veelal met blauwe, gele, groene en oranje verf. Hierna worden voor- en achterzijde van het voorwerp (of binnen- en buitenzijde als het gesloten voorwerpen betreft) bedekt met een laag transparante loodglazuur (kwaart); deze laatste bewerking wordt ook wel kwaarten genoemd. Vervolgens wordt het object voor de tweede maal gebakken.

Proenen

Het aardewerk wordt, gescheiden door driehoekige proenen, in een oven gebakken. Deze proenen, die moeten voorkomen dat de voorwerpen aan elkaar bakken, laten aan de voorzijde van het voorwerp drie beschadigingen (moeten) achter. Het assortiment bestaat uit voornamelijk borden, schotels, papkommen, zalfpotten (albarelli) en tegels. De plateelbakkers, die het majolica vervaardigden, vestigen zich vooral in het zuidoosten van Delft, waar ook de pottenbakkerijen waren gesitueerd.


Tinglazuuraardewerk majolica DC116_H0477_24_1.jpg
Tinglazuuraardewerk majolica DC116_H0501_37_1.jpg
Tinglazuuraardewerk majolica DC116_H0528_35_1.jpg

Last Updated on Monday, 11 April 2011 21:59  
Share to Facebook Share to Twitter Share to Linkedin Share to Google 

Blog Archeologie Delft

There are no translations available.

werkinuitvoering

Klik op het werk-in-uitvoering-icoontje om naar het weblog van Archeologie Delft te gaan